De romantiek van een rood houten huisje in het bos is groot. Zeker online lijkt het alsof je in Zweden zonder moeite een idyllisch huis kan kopen voor €25.000. Maar de realiteit is niet altijd wat het lijkt. Huizen in Zweden zijn veel goedkoper dan in Nederland, maar écht goedkoop zijn ze vaak alleen op papier. Want achter dat perfecte plaatje schuilt soms een flinke lijst met noodzakelijke investeringen waar veel kopers zich op verkijken. In deze blog deel ik daarom 3 onderschatte en vooral dure verborgen gebreken die goedkope huizen in Zweden ineens helemaal niet zo goedkoop maken.
Goedkope Zweedse huizen lijken vaak op een buitenkansje, maar achter dat vriendelijke prijskaartje zitten soms kosten die je als Nederlanders totaal niet herkent. Niet omdat je slecht kijkt, maar omdat we dit soort systemen in Nederland helemaal niet of nauwelijks kennen. We gaan het dus niet hebben over standaard gebreken of achterstallig onderhoud, maar over gebreken die soms pas ontdekt worden na het kopen van een huis en die de totale investering in één klap duizenden euro’s hoger kan maken.
#1 De kamerput (riolering)
Buiten steden en dorpen zijn huizen niet altijd aangesloten op de gemeentelijke riolering. In plaats daarvan ligt er een kamerput (een soort septic tank) in de tuin. In Zweden heb je een 1-, 2- en 3-kamerput, waarbij de 3-kamerput het meest recente model is. Deze kamerput bestaat uit drie compartimenten die elk een bepaalde manier van zuivering toepast. Na de zuivering in de laatste kamer blijft er schoon water over wat wordt doorgevoerd naar een infiltratiebed. Zo wordt vervuiling van het grondwater en de bodem voorkomen. Veel oude huizen hebben echter nog een 1- of 2-kamerput. Deze voldoen niet meer aan de huidige milieueisen, waardoor een gemeente je na aankoop vaak verplicht om de put binnen een x aantal jaar te vervangen voor het recente model. En dat is geen kleine uitgave. Voor een volledig nieuw systeem betaal je al snel tussen de €10.000 en €20.000, afhankelijk van de locatie, ondergrond, toegankelijkheid voor machines en lokale eisen.

#2 Waterbron en waterkwaliteit
Een huis buiten de stad of een dorp is ook niet altijd aangesloten op het gemeentelijke waternet. In plaats daarvan hebben ze een eigen waterbron: gegraven of geboord. Een gegraven bron is goedkoper, maar ondiep en daardoor sneller leeg en gevoeliger voor verontreiniging. Een geboorde bron is betrouwbaarder, maar meteen ook veel duurder. De kosten voor het plaatsen van een (nieuwe) bron gaan snel richting de €5000 tot €10.000. En met wat pech, harde rotsbodem of extra diepte, kan je ook zomaar het dubbele kwijt zijn. Daarnaast heb je te maken met de waterkwaliteit, want je wilt wel schoon drinkwater hebben. Het advies is om dit elke 3 jaar te testen. Is het water verontreinigd (bijvoorbeeld door radon, zware metalen of PFAS), dan moet je investeren in filtersysteem. Afhankelijk van waar het filter voor dient en hoeveel je nodig hebt, kunnen deze kosten ook oplopen tot duizenden euro’s. Iets wat in Nederland vanzelfsprekend is, kan in Zweden dus zomaar een flinke financiële tegenvaller zijn.

#3 Vrijetijdshuis versus woonhuis
De meest goedkope huizen op Hemnet (de Zweedse Funda) zijn meestal vrijetijdshuizen. De advertentiefoto’s kunnen er heel idyllisch uitzien, maar houd er rekening mee dat deze huizen vaak niet gebouwd zijn voor permanent gebruik of gebruik in de winter. Zo zijn ze vaak klein, slecht geïsoleerd, hebben alleen water in de zomer en/of beschikken alleen over een houtkachel als warmtebron. Dat is leuk voor een paar weken vakantie in de zomer, maar zodra je het huis langer, in de winter of zelfs permanent wilt gebruiken, is het al snel nodig om een paar dure investeringen te maken. Denk aan isolatie, een waterbron en een extra warmtebron zoals bijvoorbeeld een lucht-luchtwarmtepomp, die al snel €2500 of meer kost. En dan heb je dus nog niets gedaan aan isolatie, die dure waterbron die ik in het punt hiervoor noemde, andere investeringen om het huis comfortabeler te maken en de bereikbaarheid in de winter. Sommige huisjes liggen zo afgelegen dat een sneeuwschuiver er niet eens kan komen. Er is wat dat betreft soms ook een goede reden waarom sommige vrijetijdshuizen alleen als zomerhuis wordt gebruikt.

Conclusie
Een goedkoop huis kopen in Zweden kan nog steeds, maar als het te mooi lijkt om waar te zijn, dan is dat het vaak ook. Weet dus waar je op moet letten om te voorkomen dat je een miskoop doet. Een klushuis kan echt wel leuk zijn als je handig bent en wat budget achter de hand houdt. Maar een koopje wordt pas écht een koopje als je weet welke valkuilen je moet voorkomen, anders is de renovatie straks duurder dan het huis zelf en zit je jaren in een bouwval waar je eigenlijk nooit voor getekend had.
Wil je verder weten waar je allemaal op moet letten, hoe het koopproces in Zweden precies werkt en hoe je voorkomt dat je een miskoop doet? Dan helpt mijn e-book ‘Vakantiehuis Kopen in Zweden’ je op weg.







